La France 2026
- Raf
- 11 minuten geleden
- 11 minuten om te lezen
Observations du Jura
Achter de Vogezen en voor de Alpen, leunend tegen Zwitserland, ligt een lieflijk landje: Jura.
En zeker met het zonnige weer deze zomer, oogt het sprookjesachtig. Groene wouden, dichtbegroeid, turquoise meertjes, omringd door bergtoppen, glooiende weilanden, hier en daar dorpjes met net zoals overal in het grote Frankrijk, steeds wel één goed restaurantje.
In Bonlieu, dat haar naam eer aan deed, was dat l’Eolienne. Zelfs Petra had geen idee wat dat betekende maar we hadden gelukkig gereserveerd en namen plaats op het volle terras. Het uitzicht op de bergen smaakte prima, de tafel naast ons bleek aardig gezelschap, twee Belgen en een hond. Een grote hond, niet robuust groot maar slank, hoog op de poten, langharig bruinrood en flinke hangoren. Rustig en beheerst. Eén keer toen een andere hond het terras betrad een waarschuwende blaf. Tja, herder, zei de Belgische, verontschuldigend tegen ons, als die hier komt zitten hebben we een probleem, tegen haar man. Gelukkig vond herder aan de andere kant van het terras een plekkie.
Even later schoven een jongedame en jongeman aan de tafel achter ons en de Belgen aan. Een opmerkelijk koppel, mid 30 schatte ik. Hij nogal stijfjes rechtop zittend met hoed, zij feeëriek speels met veel roze. Een kort rokje, lange benen, roodbruin haar dat in twee krullerige staarten over haar oren viel, grote trouwe ogen, spitse snuit. Er werd niet veel gesproken, laat staan gelachen. Hij bestelde, zij knikte.
Ze zeggen dat honden op hun baasjes lijken, maar de Belgische hond was sprekend de Franse jongedame. Ze keken elkaar zo af en toe aan met schuin hangende hoofden en grote bruine trieste ogen alsof ze beide in een spiegel keken en daar berusting in vonden.
De bediening was vriendelijk, het eten lokaal en heerlijk. De jura wijn was een bijzondere kennismaking die gaande het hoofdgerecht met forel steeds interessanter werd.
Rosa wilde vol van voorpret, want ze had een goede grap, het dessert bestellen. Uiteindelijk na een paar keer de lach inslikken, schaterde ze uit: "je voudrai een Creme Bappee".
De juffrouw begreep de grap niet, "une crème brûlée alors?", "non une crème Bappee", schaterde Rosa nog maar eens. De mensen aan de omringende tafels lachten inmiddels wel mee.
Naast het terras stond een windmolen, zo eentje die in westerns van Morricone piepend en krakend onheil aankondigt; in het Frans, zo leerden we later, une éolienne.
Wij genoten een windstille aangename avond.

Was het lekker zwemmen, vroeg een oudere dame aan een andere oude dame die uit het water kwam gelopen. Wij zaten op een kei van het uitzicht te genieten.
"L’eau est toujours bonne", zei ze. Ik leidde af dat ze iedere dag hier in het Lac d'Ilay haar 'baantjes' trok.
"Maar het is wel zorgelijk dat er door al die toeristen steeds meer troep als zonnebrandcrèmes in het water terecht komt."
Doordat Petra Frans praat en verstaat ontgaat ons weinig.
"Dat is niet goed, de kwaliteit van het water gaat hard achteruit".
Ze wees nog net geen beschuldigende vinger naar ons.
Ons voornemen was inderdaad vanochtend een wandeling langs vier meertjes te maken en in ieder meertje een duik te nemen. Zonnebrand hadden we bij ons, maar de schaduwrijke plekjes en toch ook een beetje die vinger, maakten dat we de crème niet gebruikten.
Bij ons laatste dipje zat een oma met haar kleindochtertje. Ze was van hier, kwam hier vaak maar zo laag als het water nu stond, had ze het nog nooit gezien. Het gras was ook ieder jaar groener dan nu. Het in onze ogen prachtige en aanhoudend droge zomerweer baarde haar grote zorgen.
Een jongeman bemande het kleine bezoekerscentrum waar we aan het eind van onze vier meren tocht langskwamen. De andere richting op begon de zeven watervallen wandeling. Allemaal droog nu, zei hij. Dat gebeurt wel vaker in de zomer, maar nooit zo vroeg in de zomer al. We vertelden over onze mooie vier meren wandeling inclusief onze verfrissende duikjes.
Ai, maar je mag alleen in Lac d’Ilay zwemmen zei hij, in de andere meertjes is het verboden.
Maar we hebben geen borden gezien, verontschuldigden we ons geschrokken.
Er wordt ook niet streng gecontroleerd en ik zal het niemand vertellen, knipoogde hij.
De volgende ochtend liepen we de zeven watervallen wandeling.
Weinig water, veel toeristen. Filelopen op de smalle paadjes, waar het kon snelden we erlangs, terug naar ons hotelletje waar we de wandelkleren inwisselden voor zwemkleding. Met broodjes en camembert vleiden we ons aan de oever van Lac d’Ilay, in de schaduw zonder zonnebrandcrème.

Impressions du Haute Languedoc
De stevige regenbuien vannacht vielen in goede aarde. Kurkdroge aarde die al weken smeekte om water. Nu mag de aarde hier niet klagen. In Girondes, ten westen van ons, en rondom Nice, ten oosten van ons, staat de aarde in brand. Apocalyptische beelden. Toen ik de tent openritste vanochtend en de wind wervelde in de kom waar onze camping ligt, meende ik de rook te ruiken.
Hier in Haute Languedoc ogen de berghellingen groen. Wandelend over de hoger gelegen plateaus zagen we echter al dat de planten en bomen het ook hier zwaar te verduren hebben.
Vanochtend is het al snel weer droog, er waait een frisse wind en de hemel is grijs met hier en daar blauwe gaten. Geen zwembadweer.
Mooi wandelweer. Maar Reina riep gisteren, voorovergebogen over haar stok happend naar adem: “nooit meer!”
Het was ook een pittige tour; 5 kilometertjes maar, zei Petra vooraf, om met name Reina te overtuigen mee te wandelen, met een waterval en een beetje klauteren.
Eerst een stukje plateau, rotsen en heide, vanwaar we aan de overkant van de kloof de Cascade de Vesoles zagen vallen. Hier veel water en geen toeristen. De Languedoc is uiteraard geen Dordogne, Provence of Cote d’Azur, bovendien lijkt de wandeling streng te selecteren, want we zijn niemand tegengekomen. Door de dichtbegroeide oerbossen slingerden we omlaag tot ongeveer aan de voet van de waterval. Daar begon het klauterwerk: wel 1000 rots traptreden langs de waterval omhoog en soms het water overspringend via grote keien. Het was een prachtige tocht, echt een van de mooiste die ik ooit gelopen heb, maar zwaar.
Bij trede 950 ongeveer, inmiddels een dikke twee uur verder, brak Reina. De hele tocht liep ze voorop, met stok, maar er kwam geen einde aan dat traplopen. "Nooit meer!" schreeuwde ze boos en uitgeput.
Dus vandaag maar even geen wandeling, lekker het zwembad in want ook het blauw had al snel weer gewonnen van het grijs.

Langzaam verdwijn je, naarmate je ouder wordt.
Zo liet Ted van Lieshout optekenen in het VK magazine dat ik las op het terras van onze tent. Letterlijk krimpt je figuur, je wereld wordt kleiner en je wordt minder opgemerkt. En andersom, de behoefte om opgemerkt te worden, wordt ook minder.
Ik ben nog een jaartje of acht jonger dan Ted, maar het sprak me aan. Ik hoef ook niet meer zo nodig opgemerkt te worden al doet een beetje aandacht aan de rand van het zwembad me zeker nog deugd. Facebook heb ik nooit gehad, met Insta ben ik ook wel klaar en in de digitale puberwereld van Reina en Rosa ben ik helemaal verloren.
Petra ging op de IPad van Rosa staan vanochtend. Het scherm toonde een groot barstenpatroon. Onherstelbaar. Rosa kon er nog even om lachen maar toen ze doorkreeg dat ze niet meer in haar spelletjes-app kon kwam het verdriet.
De dames onder gedecideerde leiding van Reina wisten gelukkig bypasses te vinden via het gekoppeld profiel en kinderlijke wachtwoorden naar de iPhone van Petra. Rosa weer blij en met Petra’s herinnering aan de reeds eerder gedane belofte dat ze na de zomer een iPhone krijgt was Rosa's leed geleden.
Ik stond erbij en keek ernaar. Nog nooit voelde ik me zo overbodig.
Mijn werkzame leven glijdt af richting pensioen. Ook daar in het theater voel ik dat mijn rol afneemt. Plaats maken voor de jeugd, nog iets anders gaan doen?
Ouder worden is een manier om langzaam te verdwijnen. En dat is niet erg, dat is de natuur. En zeker hier in de natuur van de Languedoc lijkt mij langzaam verdwijnen geen straf.
Maar verdwijnen moet geen wegkwijnen worden. Dat moet met een zekere waardigheid gepaard gaan. En zo oud ben ik nu ook nog niet dus een nieuwe draai aan mijn leven geven is ook een optie. Maar dat is niet eenvoudig voor mij, ik heb 30 jaar hetzelfde werk gedaan, één werkgever gehad.
Dus hoe verder, dat stormt deze vakantie door mijn hoofd, zeker tijdens de afgelopen twee nachten waarop de Tramontana vanaf de bergen razend door de bomen op onze tent valt en aan de spanbanden trekt en tiert.

Borio de Roque, de niet al te grote plateaucamping in de bossen is na drie vakanties bekend terrein voor ons en nog meer voor de meiden (zie Zomer23). Die kennen alle hoekjes, op alle plateaus.
Reina heeft bij de paarden al direct Ida uit Arnhem ontmoet, een Reina in miniformaat, 8 jaar maar al net zo bij de hand en directief. Verder zijn Castricum en Gouda present.
Rosa loopt nog te zoeken naar Boet of in ieder geval een nieuwe Boet, haar boezemvriendje van de vorige keer hier. Ze mengt moeilijk met andere kinderen, zeker als er al groepjes zijn gevormd vindt ze niet snel aansluiting. En ze is kieskeurig.
Het helpt ook niet dat Reina’s vriendinnetjes vragen is Rosa nou een zusje of een broertje? Ze zwemt in een short, geen badpak of bikini en de dametjes lijken dat moeilijk te begrijpen. Ze wint ieder handstandwedstrijdje in het zwembad, blijft 2 tot 3 keer zolang staan onder water met haar benen omhoog. Ook dat begrijpen de dames niet, dus kijken ze bedenkelijk terwijl Rosa niet begrijpt waarom ze bedenkelijk kijken en geen applausje geven zoals ze dat wel steeds bij elkaar doen.
Misschien is het mijn perceptie, maar ik zie eenzaamheid loeren. Ze loopt met haar zieltje onder de arm.
Gelukkig zijn kinderen flexibeler dan ik en is er canyoning.
Canyoning
Iedere zomer wanneer we de vakantie in Zuid-Frankrijk vieren, komt Philippe een dagje langs. Een goede vriend van Petra met wie ze twintig jaar geleden in Parijs samengewerkt heeft. Nu woonachtig in Toulouse, een dik uur rijden van onze camping.
Dat we dit jaar juist op zijn bezoekdag wilden canyoningen vond hij geweldig, met alle plezier ging hij mee. Om 08.30 uur was hij present.
Het was Rosa’s idee, ze had het gezien bij de receptie. Avonturierster die ze is wilde ze gelijk de wild water versie. Reina had haar twijfels en ook ik op respectabele leeftijd had even mijn bedenkingen, maar hey, er was ook een familie versie en ik was wel toe aan een verzetje.
Het was geweldig! De drie jongens die ons en een heel aardig vierdelig Gronings gezin begeleidden waren toppers. Hoge groene bergen met kale toppen op de achtergrond, majestueuze rotspartijen en een helder bergstroompje dat tussen de rotsen door kronkelde met diep uitgeslepen poelen en natuurlijke glijbanen.
Iedereen genoot van Rosa die steeds als eerste wilde en nergens aarzelde. De 'ren je rot rots' sprintte ze af en met grote sprong dook ze het water in. Klettersteigen, hangen aan een touw en je de diepte in laten vallen, ze genoot en groeide met iedere uitdaging!
Reina toch altijd een beetje bangelijk deed dapper mee, sprong zowaar ook van die 7 meter rots de diepte in, wel 2 keer.
Philippe, goedlachs en goedpraats met enige canyoningervaring genoot van het plezier dat we allemaal hadden en trakteerde tijdens de lunch op smakelijke paté, kaasjes en crackers. De fles rode wijn had hij op aanraden van de jongens toch maar in de auto achter gelaten.
Petra die opleeft bij uitdagingen vond alle sprongen in de diepte appeltje-eitje bij de sprong die haar de volgende dag te wachten stond en was helemaal in haar element in de bergen.
Liggend op mijn rug in mijn wetsuit, drijvend op het water, genietend van het uitzicht boven me en van alle grenzen die vandaag verlegd waren, was ik gelukkig.

Het liep tegen 20.00 uur, ik gooide net de garnalen in de pan en schonk een Roseetje in, toen ze gelijktijdig aankwamen: De nieuwe buren in de safaritent naast ons en op het plateau onder ons. Een blauwe Audi met koffer op het dak (naast) en een paarse Tesla met koffer op de trekhaak (onder). Twee identieke chauffeurs: kalende koppen, blauwe Bermuda en beige T-shirt, beige Bermuda en blauw T-shirt.
Uit iedere auto stapte verder een vrouw, 2 prepubers en uit de Tesla nog een klein ventje.
De kofferbakken gingen open en het leek een wedstrijd wie het eerste was uitgeladen.
Eerst de nodige tassen en koffers, die mochten de vrouwen verder uitpakken.
Vervolgens gooiden de mannen naast de klaarstaande glampingtent die ze dus beiden geboekt hadden (met vijf slaapplaatsen, net als die van ons) ieder twee pubtentjes op; van die tenten die zodra je ze uitpakt in de houding springen.
Desalniettemin moesten er nog een paar haringen de grond in bij de Teslatenten, die waren net een maatje groter dan die van Audi. Daarvoor gebruikte hij een elektrische handboor. De luchtbedden kregen lucht via een automatisch pompje. Daarna opruimen, de dakkoffer bleef op de Audi, de trekhaakbak onder de glampingtent.
Tesla kwam boven kijken. Heeft Elon hier ook satellieten, vroeg Audi; jazeker zei Tesla, gewoon ff een paaltje hier de grond in rossen en richten. Heb je dat? Tuurlijk, en hij rende in draf naar beneden, pakte uit de Tesla een paaltje en in draf weer naar boven. Met een stevige steen roste hij die de grond in.
Samen bekeken ze daarna de boel beneden en zagen dat het goed was.
Het ventje gooide ondertussen stokken op andere tenten, de dochters in dezelfde minirokjes maakten scare selfies, de jongens inspecteerden elkaars tenten en de vrouwen trokken hoeslakens om de luchtbedden terwijl buurman en buurman tegen 21.00 uur voldaan richting de bar liepen: Ajetoo!
Olargues, een van Frankrijks mooiste dorpjes, bezochten we ook dit jaar weer. Wij hielden ons aan onze belofte. Maar Olargue liet verstek gaan.
Het befaamde muziekfestival Festibaloche had vorig jaar blijkbaar haar laatste editie gekend, de producent had zijn schoenen in de statige platanen gehangen, zo lazen we al eerder.
L´Ecole, het goede restaurantje aldaar, waar we iedere 3-4 jaar zouden terugkomen, zo hadden we onszelf zeven jaar beloofd, liet ons lang in ongewisse; waren ze nu wel of niet nog open deze zomer?
Zeven jaar geleden stal Rosa het hart van de lokale caféuitbater en namen we ze samen op de foto. Drie jaar gelden was het café gesloten maar vonden we aan de overkant de lokale kapper zittend op zijn vensterbank, die maar al te graag met die kleine blonde schoonheid op de foto wilde. We beloofden hem 3 of 4 jaar later terug te komen (zie Zomer 23, Young Rascals).
De kapper zat niet voor zijn kapsalon. Alleen open op maandag en donderdag stond op de deur.
Ook bij andere restaurants een gesloten deur. Een laatste telefoontje naar L´Ecole werd eindelijk beantwoord met een “het spijt ons, maar ons restaurant is sinds enige tijd gesloten”.
Een familietraditie ging verloren.
Met de ziel onder onze arm draalden we deze 50e verjaardag van Petra door het pittoreske maar verlaten dorp. Het liep tegen 1900 uur en een paar maagjes begonnen te knorren.
Niets anders in de buurt dan een pizzeria maar pizza’s hadden we gisteren op de camping al gehad.
Teleurgesteld stapten we in de auto. Terug naar ons Saint Pons. Waarschijnlijk omdat het niet echt een toeristenplaats is, eerder een knooppunt tussen verschillende pittoreske plaatsjes, is het één van de weinige Franse plaatsjes zonder goed restaurantje en juist dat stond op het verlanglijstje deze verjaardag.
Misschien La Croix Blanche, dat had ook wel aardig geleken: gesloten.
Brasserie La Palais waar we eergisteren al gegeten hadden: gesloten.
Laatste optie Chez Mignou: één familie op het verder lege terras. We hoorden ze Frans spreken en locals op een terras, dat is een goed teken. Heeft u nog plek was een overbodige vraag. Brood, water en wijn stonden al snel op tafel.
We raakten al even snel aan de praat met de familie omdat het kleine goedlachse dochtertje maar naar Reina bleef kijken, zwaaien en lachen. Het was het dochtertje van Julien, de jongen die ons eergisteren bij La Palais had bediend. Julien herkende ons en stelde ons voor aan zijn vader, moeder, oom, zijn vrouw en Agatha hun kleine pasgeborene. La Palais is van zijn ouders zo legde hij uit en hij runde de Brasserie tegenwoordig, maar vandaag was hun vrije dag en dan kwamen ze vaak hier eten omdat het goed is.
Het eten, Frans, lokaal met Aziatische invloeden was inderdaad verrassend lekker waarmee de 50e verjaardag van mijn liefste alsnog waardig werd afgesloten.
Onze laatste vakantie-avond sloten we af bij La Croix Blanche, dan hebben we ze alle drie gehad, dachten we. Maar helaas: "fermeture exceptionelle" hing op de deur.
Op naar het terras van La Palais dan maar, waar een bandje met relaxte smooth soul and blues de avond opluisterde. Julien met Agatha op zijn arm heette ons warm welkom alsof we stamgasten waren.
Tijdens het eten passeerde een modeshow van de lokale dames- en kindermode zaak, voor al uw vrijetijds- en avondkleding, lingerie en sportieve kinderkleding. Een pronte Maman, vermoed ik, met een stevige dochter en slanke schoondochter, 2 kleine showmeisjes en 1 tienerjongen die er alles behalve een show van wilde maken. Ze flaneerden wel 5 x over het terras steeds in een andere outfit.
Bij het vertrek stelde Rosa voor met Julien op de foto te gaan. Hij was druk bezig binnen met de ijscoupes, maar natuurlijk poseerde hij graag: “A la prochaine j’espere!” en zo kreeg onze familietraditie alsnog een nieuwe impuls.



Opmerkingen